Als een kind overlijdt vóór de ouder die nalaat, vervalt het kindsdeel van dat kind niet zomaar. Wie dat deel dan erft, hangt af van of het overleden kind zelf kinderen (kleinkinderen van de erflater) heeft nagelaten, en van wat er in een testament staat. In de meeste gevallen schuift het kindsdeel door naar de kinderen van het overleden kind, de zogenoemde plaatsvervulling.
Wat is plaatsvervulling bij de erfenis van een kindsdeel?
Plaatsvervulling betekent dat de kinderen van het overleden kind in de plaats treden van hun ouder. Stel: je hebt drie kinderen en één van hen overlijdt vóór jou. Dat kind laat twee eigen kinderen achter. Dan verdelen die twee kleinkinderen samen het kindsdeel dat hun ouder zou hebben gekregen. Ze erven dus elk de helft van dat ene kindsdeel, niet elk een volledig kindsdeel.
Dit is de standaardregel in het Nederlandse erfrecht (geregeld in Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek). Plaatsvervulling geldt ook als het overleden kind onterfd was, maar dat is een uitzondering die apart beoordeeld moet worden.
Erfenis kindsdeel overleden kind zonder eigen kinderen
Had het overleden kind geen eigen kinderen? Dan is er niemand die via plaatsvervulling in zijn of haar plaats kan treden. Het kindsdeel gaat dan niet automatisch naar de andere kinderen. Wat er dan gebeurt, hangt af van de situatie:
- Geen testament: het kindsdeel valt terug in de nalatenschap en wordt verdeeld over de overige erfgenamen. Bij een ouder met drie kinderen waarvan één kinderloos is overleden, erven de twee overgebleven kinderen elk een groter deel.
- Wel een testament: de erflater kan in het testament hebben bepaald wie het deel krijgt als een erfgenaam wegvalt, bijvoorbeeld via een zogenoemde verwachtersstelling of een alternatieve erfstelling.
Wat als het kind al voor de ouder is onterfd én daarna overlijdt?
Onterfde kinderen hebben in principe geen recht op een kindsdeel, maar behouden wel hun legitieme portie (het wettelijk minimum). Als een onterfd kind overlijdt vóór de erflater, kunnen de kinderen van dat onterfde kind via plaatsvervulling toch in aanmerking komen voor het kindsdeel, mits het testament dit niet uitdrukkelijk uitsluit. Dit is een juridisch gevoelig punt waarbij een notaris of erfrechtspecialist raadplegen verstandig is.
Kindsdeel en de langstlevende partner
In veel nalatenschappen geldt de wettelijke verdeling: de langstlevende partner erft alles en de kinderen krijgen een vordering in geld die pas opeisbaar is als de langstlevende zelf overlijdt. Als een kind overlijdt voordat de langstlevende partner ook overlijdt, is die vordering nog niet uitbetaald. De vordering van het overleden kind gaat dan via erfopvolging over op de erfgenamen van dat kind, dus op zijn of haar eigen kinderen of partner.
Dat betekent in de praktijk: de kleinkinderen van de oorspronkelijke erflater krijgen uiteindelijk de vordering uitbetaald op het moment dat de langstlevende grootouder overlijdt. Ze wachten dus op hetzelfde moment als alle andere erfgenamen.
Rekenvoorbeeld: hoe verdeelt het kindsdeel zich?
Stel, een ouder overlijdt met een nalatenschap van 300.000 euro en had drie kinderen. Elk kindsdeel is dan 100.000 euro. Eén kind is al eerder overleden en liet twee eigen kinderen achter. Dan ziet de verdeling er zo uit:
- Kind 1 (nog in leven): 100.000 euro
- Kind 2 (nog in leven): 100.000 euro
- Kleinkind A (kind van het overleden kind): 50.000 euro
- Kleinkind B (kind van het overleden kind): 50.000 euro
Samen erven de twee kleinkinderen hetzelfde als hun ouder zou hebben gekregen, niet meer.
Twijfel je over hoe het kindsdeel van een overleden kind in jouw specifieke situatie verdeeld wordt? Raadpleeg een notaris. De regels rondom plaatsvervulling, testamenten en vorderingen lopen snel door elkaar, zeker als er een stiefouder, een nieuw huwelijk of een eerder testament in het spel is.
