Afwaardering erfbelasting bij een kindsdeel berekenen

//

Bij afwaardering voor de erfbelasting krijgt een kindsdeel dat nog niet opeisbaar is een lagere fiscale waarde. Dat gebeurt bijvoorbeeld als een kind een geldvordering op de langstlevende ouder heeft. Het kind betaalt dan erfbelasting over de lagere waarde, terwijl de langstlevende voor de erfbelasting een hogere verkrijging heeft.

De afwaardering verandert niet het bedrag dat het kind later van de langstlevende tegoed heeft. Ze bepaalt alleen met welke waarde de Belastingdienst bij het eerste overlijden rekent.

Waarom wordt een kindsdeel afgewaardeerd?

Bij de wettelijke verdeling krijgt de langstlevende ouder de bezittingen. Een kind krijgt in plaats daarvan meestal een geldvordering, die het doorgaans pas kan opeisen als de langstlevende overlijdt.

Omdat het kind moet wachten op uitbetaling, kan de fiscale waarde lager zijn dan het bedrag van de vordering. De waarde van dat uitgestelde gebruik wordt het fictieve vruchtgebruik van de langstlevende genoemd. Dit bedrag gaat van de waarde van de vordering af en wordt bij de fiscale verkrijging van de langstlevende opgeteld.

Afwaardering erfbelasting berekenen

Bij een renteloze vordering wordt de afwaardering berekend met een vast percentage van 6% en een factor die afhangt van de leeftijd van de langstlevende op de overlijdensdatum. De factoren staan in de tabel van artikel 5 van de Uitvoeringsregeling Successiewet.

De berekening voor een renteloze vordering gaat zo:

  1. Neem het volledige bedrag van de vordering van het kind.
  2. Bereken daarvan 6%.
  3. Vermenigvuldig de uitkomst met de factor die bij de leeftijd van de langstlevende hoort. Dit is de afwaardering.
  4. Trek de afwaardering van de vordering af. Wat overblijft, is de fiscale waarde van het kindsdeel.

Voorbeeld met een vordering van € 50.000

Stel dat een kind een renteloze vordering van € 50.000 krijgt en de langstlevende ouder op de overlijdensdatum 60 jaar is. Bij die leeftijd hoort factor 10.

  • 6% van € 50.000 is € 3.000.
  • De afwaardering is € 3.000 × 10, dus € 30.000.
  • De fiscale waarde van de vordering is € 50.000 min € 30.000, dus € 20.000.

Voor de erfbelasting telt bij het kind dus € 20.000 mee. De afwaardering van € 30.000 telt mee bij de fiscale verkrijging van de langstlevende. Of er daadwerkelijk erfbelasting verschuldigd is, hangt onder meer af van de vrijstelling en de overige verkrijgingen.

Is de langstlevende in dit voorbeeld 78 jaar, dan hoort daar factor 5 bij. De afwaardering is dan € 15.000 en de fiscale waarde van de vordering € 35.000. Hoe ouder de langstlevende, hoe lager doorgaans de afwaardering.

De invloed van rente op de afwaardering

De berekening hierboven geldt voor een renteloze vordering. Staat er een rente in het testament of spreken de betrokkenen een rente af, dan kan de fiscale waardering anders uitvallen. Een renteafspraak is aan regels en termijnen gebonden en kan ook gevolgen hebben voor de belasting na het overlijden van de langstlevende.

Voor een goede berekening zijn daarom het bedrag van de vordering, de leeftijd van de langstlevende op de overlijdensdatum en eventuele rentebepalingen nodig. Een notaris kan bij een renteafspraak berekenen welke waarde in de aangifte hoort.

Contacteer ons voor advies

Notaris Vergelijk
Kalverstraat 1 Amsterdam
Nederland, 1001 AA

+31 6 12345678 (nog niet in gebruik) info@notaris-vergelijk.nl