Als iemand overlijdt zonder testament, verdeelt de wet automatisch de erfenis. Die regels staan in het Burgerlijk Wetboek en bepalen precies wie wat krijgt. De wettelijke verdeling bij een erfenis zonder testament houdt in dat de langstlevende partner en de kinderen samen erven, maar dat de kinderen hun deel voorlopig niet uitbetaald krijgen.
Hoe werkt de wettelijke verdeling bij een erfenis zonder testament?
De wet verdeelt de erfenis in gelijke delen over de langstlevende partner en de kinderen. Zijn er drie kinderen, dan zijn er vier gelijke delen: één voor de partner en één voor elk kind. Maar er is een belangrijk verschil: de partner krijgt alle bezittingen direct in handen. De kinderen krijgen een vordering in geld, maar die vordering is pas opeisbaar als de langstlevende partner overlijdt of failliet gaat.
Stel: iemand overlijdt en laat een huis (waarde 300.000 euro), een spaartegoed van 60.000 euro en twee kinderen achter. De totale erfenis bedraagt 360.000 euro. De wet verdeelt dit in drie gelijke delen van 120.000 euro. De partner erft alle bezittingen en de kinderen krijgen elk een vordering van 120.000 euro op de partner. Die vordering staat op papier, maar de kinderen ontvangen het geld pas later.
Wie erft er als er geen partner of kinderen zijn?
Niet iedereen laat een partner of kinderen achter. De wet werkt dan met vier groepen erfgenamen, ook wel “orden” genoemd. De wet gaat altijd naar de hoogste groep die nog levende leden heeft.
- Groep 1: de partner en kinderen (en kleinkinderen als een kind eerder is overleden)
- Groep 2: de ouders, broers en zussen van de overledene
- Groep 3: grootouders
- Groep 4: overgrootouders
Zijn er kinderen maar geen partner, dan erven de kinderen in gelijke delen. Zijn er ook geen kinderen, dan gaat de erfenis naar de ouders, broers en zussen. De ouders erven daarbij altijd minimaal een kwart van de erfenis, ook als er meerdere broers en zussen zijn. Is er helemaal geen familie te vinden tot en met de vierde graad, dan gaat de erfenis naar de staat.
Wat gebeurt er met de woning en andere bezittingen?
Bij de wettelijke verdeling gaan alle bezittingen automatisch naar de langstlevende partner. Dat geldt ook voor de gezamenlijke woning. De partner kan gewoon blijven wonen en hoeft de kinderen niet meteen uit te betalen. Dit beschermt de partner tegen een situatie waarbij de kinderen direct hun deel opeisen en de partner het huis moet verkopen.
De kinderen kunnen hun vordering wél opeisbaar maken als de langstlevende partner hertrouwt zonder huwelijkse voorwaarden. Dit is een punt dat veel mensen niet weten. In dat geval kunnen de kinderen eisen dat hun erfdeel wordt uitbetaald, zodat het geld niet in een nieuw huwelijksvermogen verdwijnt.
Stiefkinderen, ongehuwde partners en anderen
De wettelijke verdeling geldt alleen voor wettige erfgenamen. Ongehuwde partners (zonder samenlevingscontract) erven niets op basis van de wet. Dat geldt ook voor stiefkinderen: zij erven wettelijk niets van de stiefouder, tenzij er een testament is. Wil je een ongehuwde partner of stiefkind laten erven, dan is een testament nodig.
Adoptiekinderen worden gelijkgesteld aan biologische kinderen en erven dus wel. Kinderen die buiten het huwelijk zijn geboren, maar wel erkend zijn, erven ook volgens dezelfde regels als andere kinderen.
Heeft de langstlevende partner altijd recht op de hele erfenis?
Nee, de partner erft de bezittingen maar niet het eigendom op papier van de kindsdelen. De kinderen hebben een vordering. De partner is eigenlijk schuldenaar van de kinderen, al hoeft hij of zij dat bedrag pas te betalen bij overlijden. Over die vordering kan rente worden afgesproken of wettelijk gelden, maar in de praktijk wordt dit vaak pas bij de tweede overlijden afgehandeld.
Kinderen die het er niet mee eens zijn, kunnen de nalatenschap ook verwerpen. Ze hoeven niet te aanvaarden. Verwerping betekent dat ze afstand doen van hun vordering én van eventuele schulden. Een notaris kan hierbij helpen.
Overlijdt iemand zonder testament, dan is de wettelijke verdeling een redelijk uitgangspunt, maar het sluit niet altijd aan bij wat mensen zelf zouden willen. Wil je een ongehuwde partner beschermen, iemand extra bedenken of juist een kind bewust overslaan, dan is een testament onmisbaar. Een notaris stelt dat op voor een beperkt bedrag en voorkomt veel onduidelijkheid later.
